Laat me beginnen met een open deur in te trappen: perceptie is waarheid.
In de politiek is dat zeker niet anders. Met de komst van allerhande (multi-)media is het onontbeerlijk geworden om communicatief sterk te staan. Politiek wordt nu eenmaal niet meer zoals in de jaren ‘60 en ‘70 door (sec) ‘ernstige’ mensen gedaan. Politici die bovendien ook nog eens als de dood waren voor de (zwart/wit) camera’s. De pers, dat was problemen zoeken.
Dat laatste is natuurlijk nog steeds een beetje zo, vraag maar aan Yves Leterme. Zelfs een 13-jarige reporter van Ketnet bracht hem nu in verlegenheid. In De Standaard van vandaag luidt het zelfs: “Geeft Leterme beter geen interviews meer?”. Allemaal best pijnlijk en Leterme blijft ongelukkig zijn eigen ruiten ingooien.
Maar de pers is zo slecht nog niet. Absoluut niet zelfs. Enkel kwestie van hoe er mee om te gaan. Zo heb je in het voetbal Ronaldinho de balvirtuoos. In Vlaanderen hebben we Bart De Wever, de woordenvirtuoos. Zonder me uit te laten over politieke voorkeur: ik heb het voor die man. Bedenk de gekste en meest gecompliceerde vraag en De Wever bezorgt je binnen tien tellen een antwoord dat niet goed klinkt, maar dat ook nog steekt houdt.
Zo kwam hij gisteren weer met wat sterke beeldspraak op de proppen. “Ik ben Milosevic niet”, verkondigde hij. Ik moest meteen denken aan iets wat ik een tijdje geleden als eens tegenkwam. Nee Milosevic ben je inderdaad niet, het personage ‘Mair Quimby’ uit de Simpsons daarentegen…
![]()
![]()
![]()
Wat er ook gezegd moge worden, en uitschuivers ten spijt: De Wever begrijpt de kunst genaamd ‘journalistiek’. Hij geeft ze stof om mee te werken en ziet de media eerder als bondgenoot dan als noodzakelijk kwaad. Enig puntje van kritiek is toch dat ik graag wat meer emoties in die mimiek zou zien. Gepassioneerd is hij genoeg, maar dat valt nog iets te weinig van hem af te lezen.
Daartegenover heb je bijvoorbeeld Herman Van Rompuy. Over de goede bedoelingen van de man geen slecht woord. In geen enkel interimkantoor vind je iemand die zou toehappen op deze jobaanbieding. Herman is, hoe je het ook draait of keert, een grijze muis. Soms wel gevat, zelfs spitsvondig. Maar chemie tussen hem en de media zal er nooit zijn.
Het is dan ook maar te hopen dat Herman slaagt in zijn opzet. Achter de schermen kan je grondig te werk gaan, maar aan het einde van de rit moet je zien dat de mensen naar het theater kunnen gaan. En bovendien, tevreden zijn over datgene dat ze gezien hebben.
De keerzijde van de medaille zal niet zo prettig zijn. Van Rompuy communiceert haast niet over zijn bezigheden en moet dus ook oppassen als het fout gaat. Bij gebrek aan communicatie over zijn bezigheden zullen de mensen zullen zich gauw gaan afvragen “wat heeft die eigenlijk gedaan?”
Of je nu het roer nog wilt omgooien of niet, de link tussen (social) media en politiek zal in de toekomst nog verder toenemen. Zo leven bijvoorbeeld de Amerikaanse presidentsverkiezingen meer dan ooit en dat dankzij het internet. Een ander voorbeeld wat ik vandaag las “Google Launches Australian Election Site“.
Als politicus kan je dus maar best op de hoogte zijn van web 2.0 en van zijn invloed. En niet dat ik het hen toewens, maar als Van Rompuy en collegae niet klaar zijn voor web2.0 (en zijn invloed), zou dat wel eens gepaard gaan met een stille politieke dood…












